Vast vertrouwen op God
1Een psalm van David, voor de koorleider. 2Hoelang nog, HEERE? Zult U mij voor altijd vergeten?
Hoelang zult U Uw aangezicht nog voor mij verbergen? 3Hoelang zal ik nog plannen maken in mijn ziel, verdriet hebben in mijn hart, dag na dag? Hoelang zal mijn vijand zich nog boven mij verheffen? 4Zie mij aan, verhoor mij, HEERE, mijn God! Verlicht mijn ogen, anders ontslaap ik in de dood,
5anders zegt mijn vijand: Ik heb hem overwonnen, en verheugen mijn tegenstanders zich, wanneer ik wankel. 6Ik echter vertrouw op Uw goedertierenheid, mijn hart zal zich verheugen in Uw heil,
ik zal voor de HEERE zingen omdat Hij goed voor mij geweest is.
Psalm 13
Wist je dat?
- Psalm 13 beschouwd wordt als een voorbeeldig Israëlitisch gebed: klacht, pleidooi, vertrouwen en lofprijzing.
- Dat er globaal drie vormen van klagen in Israël zijn:
- De klacht bij verlies (Ps. 44, 74, 80; Klaagliederen)
- De klacht bij verootmoediging (Ezra 9, Neh. 9, Dan. 9)
- De klacht over verkeerde daden (Jes. 58)
Beschouwing
Ieder mens heeft bronnen nodig, waaraan energie wordt ontleend en die stevigheid geven. Zo zijn we ook bedoeld, als mensen die putten uit de bron van Gods liefde en waarheid, en diezelfde liefde en waarheid verspreiden. In de praktijk hebben we naast verbondenheid met de Heer ook andere steunpunten (welke dat zijn weet je vast zelf wel!). Wat is het ook mooi als je goede banden hebt met andere mensen die bij je willen horen, dat is echt een geschenk van God.
Bronnen of anders gezegd, we zijn als mens op zoek naar houvast. Maar achter deze zoektocht naar houvast zitten teleurstellingen, gemis, gevoel van innerlijke leegte; de angst om niet gezien te worden. Wij willen liefde, geborgenheid en veiligheid. En om dit te bereiken gebruiken we vaak overlevingsstrategieën (bijvoorbeeld door altijd maar te ‘pleasen’). Vele mensen komen er dan achter dat dit een weg is waarop je je doel niet bereikt, dat je probeert om te verdienen wat ten diepste niet verdiend kan worden. Meer dan eens kiezen we een weg die doodloopt. Een mens los van God komt niet tot zijn bestemming. We laten ons vlees spreken en niet de Geest. Wij kunnen kiezen om vanuit onze eigen kracht en visie te leven of we vertrouwen God. Deze christelijke vrijheid is de vrijheid om de ander lief te hebben zonder overlevingsstrategie, niet gevangen zijn in jezelf en je eigen wensen, de vrijheid om een ander te zien als zichzelf en niet als vervuller van je wensen. Zo zal ons hart zich net als de Psalmschrijver verheugen op God en kunnen wij niet anders dan Hem lof toe zingen.

